Senior Kwalificatie Onderwijs (SKO), informatie voor VU-docenten

Joint programme VU-UvA

De VU en de UvA hebben de krachten gebundeld en gezamenlijk een SKO-programma voor beide universiteiten ontwikkeld, met gelijkwaardige certificaten. Met deze samenwerking lopen de VU en UvA landelijk voorop met het oog op wederzijdse afstemming en erkenning van de SKO. De Nederlandstalige programma's zijn interfacultair binnen een universiteit. Het Engelstalige programma is interuniversitair en wordt gevolgd door deelnemers van de VU en de UvA.

Ga hier naar de pagina Senior Kwalificatie Onderwijs (SKO) met informatie voor UvA-docenten

Doelgroep

Het programma is bedoeld voor UD’s, UHD’s en hoogleraren die opvallen binnen de opleiding door hun inzet en toewijding aan het onderwijs. Zij kijken daarbij verder dan de eigen cursussen en het eigen vakgebied en zijn de voortrekkers in vakoverstijgende projecten of onderwijsvernieuwing. Daarbij weten zij collega’s mee te nemen in nieuwe ontwikkelingen. Deze docenten innoveren samen met collega’s het academisch onderwijs en zorgen voor inbedding hiervan in het opleidingsprogramma, zodat de opleidingseindtermen worden gerealiseerd.

In de indeling volgens het Onderwijsraamwerk van de VU is de SKO bestemd voor medewerkers van ACTA, VU en VUmc, in de UFO-profielen docent 1 en 2, UD, UHD en HL. Dit betreft medewerkers die een of meer van de onderstaande rollen, posities en/of functies (gaan) vervullen in het universitair onderwijs:  
  • coördinator van een groter samenhangend geheel van onderwijsonderdelen (bijvoorbeeld een jaar- of trackcoördinator)
  • lid of voorzitter van opleidings- of curriculumcommissie
  • voorzitter van de toetscommissie
  • onderwijs- of opleidingsdirecteur

Ook kan het medewerkers betreffen die zich speciaal toeleggen op het gedegen voorbereiden en invoeren van verbetering van het curriculum.

Het SKO-programma van de Vrije Universiteit van Amsterdam kan gevolgd worden door senior docenten van andere universiteiten die aan bovenstaande beschrijving voldoen.

Doel

Het doel van het SKO-programma is docenten met een onderwijskundige spilfunctie binnen de opleidingen te ondersteunen in de uitvoering van een curriculumontwikkeling. Het programma bedient hiermee zowel de deelnemer als de opleiding in de verdere professionele ontwikkeling en beoogt daarmee een impuls te geven aan de kwaliteit van het academisch onderwijs. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat de docent vanaf de start van het programma verschillende rollen vervult op SKO-niveau:

  • als curriculumontwikkelaar;
  • als begeleider van (junior)docenten;
  • als organisator van curriculumonderdelen en vernieuwing;
  • als  verbinder tussen medewerkers en afdelingen, en
  • als onderwijskundig visionair op onderwijskundige verbetering en -borging.
De inhoud en specifieke invulling van deze vijf rollen worden in de onderstaande figuur verhelderd.

 afbeelding rol senior docent SKO

Positionering SKO ten opzichte van de BKO en LOL
In het SKO-opleidingstraject wordt voortgebouwd op de kennis en vaardigheden waarover onderwijsgevenden beschikken die in het bezit zijn van de Basiskwalificatie onderwijs (BKO). Bij de BKO gaat het erom dat de docent academisch onderwijs ontwikkelt en dit zodanig uitvoert dat het leren van studenten optimaal wordt bevorderd. De SKO richt zich op senior docenten die een spilpositie op curriculumniveau vervullen in het onderwijs aan de VU.

Senior docenten zijn degenen die ― vanuit het midden van de onderwijsorganisatie ― niet zozeer de grote lijnen van het beleid uitzetten, maar verantwoordelijk zijn voor de inhoudelijke invulling en aansturing van het onderwijsbeleid. Zij verbinden de beleidslaag met de uitvoerende laag en leveren daarmee een cruciale bijdrage aan de onderwijskwaliteit aan de VU.De LOL (Leergang Onderwijskundig Leiderschap) is bedoeld voor medewerkers die verkeren in de positie om invloed uit te oefenen op facultair niveau. Dat betekent dat zij verantwoordelijkheid dragen voor een opleiding of een groter geheel binnen een faculteit. Concreet gaat het om opleidingsdirecteuren, onderwijs-portefeuillehouders, afdelingshoofden of om docenten die naar zo´n positie kunnen toegroeien. De leergang bouwt voort op de SKO. Een SKO-kwalificatie of aantoonbaar functioneren op SKO-niveau vormt dan ook een van de toelatingsvoorwaarden voor het traject. Deelname vindt plaats op voordracht van de decaan van de faculteit. Meer informatie over dit traject vindt up de pagina van de LOL.

 

Senior Kwalificatie Onderwijs (SKO)

SKO-deelnemers voeren in hun eigen opleiding/faculteit een project uit in de vorm van een curriculumverbetering. Tijdens het SK-programma worden zij bekrachtigd in het procesmatig leiden van dit project en het aanscherpen van een theoretisch onderbouwde onderwijsvisie. Met individuele coachgesprekken maakt ook persoonlijke ontwikkeling onderdeel uit van de SKO-traject.

Enkele voorbeelden van een project zijn: verbetering van het studiesucces van eerstejaarsstudenten, ontwerpen van een interdisciplinaire opleiding, ontwerpen van een consistent ‘toetsgebouw’ voor de hele opleiding of het ontwikkelen van een leerlijn binnen de bachelor. Deelnemers passen de inhoud van het SKO-programma direct toe bij de uitvoering van hun project en worden hierin begeleid aan de hand van de vier fases in het SIE-model (Systemic Innovation in Education) van Brouwer en In ’t Veld (2018). Zie de onderstaande afbeelding van het model:

SKO-model-fasen


Het SKO-programma heeft een doorloop tijd van één jaar, waarin deelnemers intensief worden begeleid in de uitvoering van het project en een persoonlijke leervraag. Het gehele programma bestaat uit:
  • een individueel intakegesprek:
    om na te gaan in hoeverre de kandidaat aan de voorwaarden voldoet, hoe de verwachtingen van de kandidaat aansluiten bij de doelstellingen van het traject en of de kandidaat voldoende tijd heeft om het traject te volbrengen.
  • drie individuele coachgesprekken:
    waarin aandacht en tijd is voor de persoonlijke leervraag van de kandidaat en zijn/haar projectvoortgang.
  • zes opleidingsdagen:
    waarin de verschillende rollen door middel van gastsprekers, opdrachten en oefeningen worden uitgewerkt.
  • vier peergroep bijeenkomsten:
    waarin de deelnemer met drie of vier deelnemers met verwerkingsopdrachten aan de slag gaat in zijn eigen opleiding.
  • tussentijdse opdrachten:
    gericht op 360-graden feedback, visievorming, projectplanning en -uitvoering, curriculumanalyse, netwerkversterking en dossier-ontwikkeling.
  • een eindassessment:
    waarin beoordeeld wordt of de kandidaat voldoet aan de SKO-eindtermen op basis van zijn/haar SKO-dossier en een assessmentgesprek.
  • een feestelijke afsluiting.

SKO-assessment
Gedurende het programma stelt de kandidaat een SKO-dossier op a.d.h.v. diverse tussentijdse opdrachten. Kandidaten ontvangen hierop feedback en coaching van de begeleiders. Aan het eind van het programma dient de kandidaat zijn SKO-dossier in ter beoordeling bij de SKO-toetsingscommissie. Per kandidaat bestaat de toetsingscommissie uit twee assessoren:

1. Een onderwijskundig expert (een SKO-programmabegeleider)
2. Een oud-SKO-deelnemer of een geschikt persoon uit het netwerk van assessoren (waaronder onderwijsdirecteuren, portefeuillehouders onderwijs, programmabestuurders onderwijs etc.)

N.B.: Van de zes plenaire SKO-dagen mag er maximaal een halve dag gemist worden om het SKO-certificaat te kunnen behalen. Zie onder Contact en informatie de actuele roosters van de SKO-programma’s.

Stapwie
1. voordrachtportefeuillehouder onderwijs/onderwijsdirecteur van faculteit
2. aanleveren vragenlijst en onderwijs-CV
kandidaat
3. intakegesprekkandidaat en SKO-opleider
4. beslissing toelatingtoelatingscommissie-SKO

1.Voordracht (portefeuillehouder onderwijs/onderwijsdirecteur van faculteit)
De aanmelding van kandidaten voor het SKO-traject vindt plaats op voordracht van de portefeuillehouder onderwijs/onderwijsdirecteur van de faculteit. Deze voordracht is een voorwaarde voor deelname aan het SKO-traject.

2.
Vragenlijst en onderwijs-CV invullen (kandidaat)
Naast de voordracht dienen kandidaten een vragenlijst en onderwijs-CV in te vullen. Indien kandidaten een vorige ronde reeds een vragenlijst hebben ingevuld dienen zij dat deze ronde opnieuw te doen, zodat de opleiders bij het intakegesprek over de meest recente gegevens ten aanzien van het project beschikken. Kandidaten die zijn voorgedragen èn de benodigde documenten hebben toegestuurd, worden uitgenodigd voor een intakegesprek. De toelatingscommissie-SKO besluit na dit intakegesprek over de definitieve toelating.

N.B.:
Van de zes plenaire SKO-dagen mag er maximaal een halve dag gemist worden om het SKO-certificaat te kunnen behalen. Het is daarom belangrijk om voorafgaand aan de voordracht na te gaan of alle data schikken. Zie onder Contact en informatie de actuele roosters.

3.Intakegesprek
Tijdens het intakegesprek wordt er onder andere verkend in hoeverre er een match is tussen het project dat de kandidaat tijdens de SKO wil gaan uitvoeren, de mogelijkheden die de kandidaat hiertoe heeft vanuit zijn rol, de bijbehorende persoonlijke leervraag van de kandidaat en de inhoud van het SKO-programma. Een persoonlijke leervraag heeft betrekking op persoonlijke vaardigheden die een kandidaat nodig heeft bij het uitvoeren van zijn project. Tijdens het SKO-programma wordt de kandidaat op deze vaardigheden gecoacht.

4.Beslissing toelatingscommissie-SKO

Op basis van zowel de gegevens in de vragenlijst als het intakegesprek wordt de geschiktheid bepaald. Een belangrijk criterium hierbij is onder andere dat de kandidaat zowel een relevant SKO-project als een bijbehorende persoonlijke leervraag heeft (gericht op vaardigheden die nodig zijn om het project uit te kunnen voeren). Na de intakegesprekken wordt door de toelatingscommissie-SKO bepaald of de kandidaat definitief wordt toegelaten tot de SKO. Na een positief oordeel van de toelatingscommissie-SKO wordt de kandidaat bij voldoende plaats definitief toegelaten tot het SKO-programma. Als er meer aanmeldingen dan beschikbare plaatsen zijn, vindt een naar grootte van de faculteit gewogen loting plaats. Kandidaten die een vorige ronde geschikt zijn bevonden, maar uitgeloot waren, hebben recht op een voorrangsplek.

De kandidaat ontvangt per e-mail bericht over de beslissing.
Er zijn drie mogelijke uitslagen na het intakegesprek:

· De kandidaat is geschikt bevonden voor de SKO op basis van de vragenlijst en intakegesprek en er is voldoende plaats om deel te nemen of (bij meer aanmeldingen dan plaatsen) de kandidaat is ingeloot.

· De kandidaat is geschikt bevonden voor de SKO op basis van het project en de leervraag, en het intakegesprek, maar er is deze ronde geen plaats (de kandidaat is uitgeloot). De kandidaat wordt voorafgaand aan de volgende ronde geïnformeerd over de deadline van de voordracht.  Bij voordracht komt de kandidaat  aanmerking voor een voorrangsplek.

· Wij denken op basis van de vragenlijst en het intakegesprek dat het SKO-traject waar de kandidaat voor gekozen heeft op dit moment niet het juiste traject is. Voor zover mogelijk bespreken we onze inschatting al tijdens het intakegesprek met de kandidaat om gezamenlijk na te gaan welke andere mogelijkheden voor ontwikkeling er binnen de VU wellicht zijn. Het kan bijvoorbeeld zijn dat de kandidaat beter op zijn of haar plek is bij een van de andere opleidingsvarianten.

Duur opleidingIndividueel intakegesprek met de SKO-opleider, 6 bijeenkomsten van een dag (2 dagdelen) en 3 individuele coachgesprekken van 1 uur met de opleider en 1 assessmentgesprek. Tussen elke plenaire bijeenkomst komt u samen met een peergroep (een subgroep van 3 à 4 deelnemers) om aan (keuze)opdrachten te werken. Deze peergroepbijeenkomsten vinden 4 keer plaats en duren ca. 2 à 2,5 uur per keer. De data voor deze bijeenkomsten bepaalt u als peergroep in onderling overleg.  De SKO-opleiding beslaat 12 maanden.
Data en tijd bijeenkomstenDe planning van het traject voorjaar 2020 vindt u in het rooster SKO voorjaar 2020. Er wordt ook een Engelstalige variant aangeboden, zie hiervoor het rooster SKO voorjaar 2020-Engels
De planning van het traject najaar 2020 vindt u in het rooster SKO najaar 2020. Er wordt ook een Engelstalige variant aangeboden, zie hiervoor het rooster SKO najaar 2020-Engels.
StudiebelastingCirca 160 uur, inclusief contacttijd
Docentendrs. Karen van Oyen, dr. Hester Glasbeek, drs. Joyce Brouwer, drs. Allard Gerritsen, drs. Marieke Parijs, drs. Rachna in ’t Veld, drs. Christianne Vink en dr. Mariska Knol.   
Daarnaast worden er gastsprekers met expertise op specifieke onderwerpen uitgenodigd.
LocatieVU LEARN! Academy
Nieuwe Universiteitsgebouw, 6e verdieping, A-vleugel
De Boelelaan 1111, 1081 HV Amsterdam
PrijsVU-medewerkers: € 75,- (administratiekosten)
Externe deelnemers: € 7.850,-
InschrijvenDe aanmelding van kandidaten voor het SKO-traject vindt plaats op voordracht van de portefeuillehouder onderwijs/onderwijsdirecteur van de betreffende faculteit. Het akkoord van deze portefeuillehouder/directeur is een voorwaarde voor deelname aan het SKO-traject. Er wordt mede geselecteerd op basis van de informatie die u in de vragenlijst  geeft. Als er meer aanmeldingen dan beschikbare plaatsen zijn, vindt een naar grootte van de faculteit gewogen loting plaats. Na een positief oordeel van de toelatingscommisse-SKO over de intake wordt u bij voldoende plaats definitief toegelaten tot het SKO-traject.
Contact
Informatie over inschrijvingen, planning en betaling: Carin Weitering (onderwijssecretariaat), learnacademy@vu.nl
Inhoudelijke informatie: Karen van Oyen (coördinator SKO), k.e.m.van.oyen@vu.nl  (020) 59 82023
Voor het voordragen van kandidaten door portefeuillehouder onderwijs/onderwijsdirecteur van faculteit: sko@vu.nl